Als er één land is waar optimaal genieten dikgedrukt in het woordenboek staat, dan is het wel Spanje. Stel je een langzame ochtend voor met koffie in de ochtendzon op het terras. De geur van sinaasappels hangt in de lucht en niemand lijkt haast te hebben. In Spanje voelt het leven net even wat trager, iets dat het land juist zo aantrekkelijk maakt.
Daarom wordt Spanje ook wel gezien als hét land voor levensgenieters. Niet alleen als vakantiebestemming, maar als levenshouding. Hier draait het namelijk echt om de tijd nemen: voor elkaar, om lekker te eten en om buiten te zijn. In dit artikel vertellen we je meer over de elementen die dat gevoel vormen en hoe je er zelf onderdeel van wordt tijdens je vakantie.

Slow living als standaard in Spanje
Het is niet gek dat veel Nederlanders nieuwsgierig zijn naar het ontspannen Spaanse ritme. Waar wij gewend zijn om onze dagen vol te plannen, draait het daar juist om het tegenovergestelde. Lange lunches van twee uur zijn heel normaal, een siësta op het warmste moment van de dag ook en dineren begint vaak pas rond een uur of negen. ‘Druk zijn’ is hier geen doel: het leven mag best even wachten. Het lijkt wel of de term ‘slow living’ hier uitgevonden is.
Hoewel de siesta minder strikt is dan vroeger, leeft het idee erachter nog steeds: op de heetste uren van de dag even pas op de plaats maken. Veel winkels sluiten de deuren voor een paar uurtjes en de straten worden rustiger. Logisch dat je daar als toerist of reiziger even aan moet wennen: Nederlanders willen vaak alles uit de dag halen, maar dat werkt in Spanje toch echt averechts. Neem bijvoorbeeld Valencia als voorbeeld: daar draait het weekend om slow living en samen eten. Op zondag schuiven families en vrienden aan voor een uitgebreid paelladiner.
De keuken van een levensgenieter
Wat hier natuurlijk erg goed bij past, is dat de Spaanse keuken sowieso de moeite waard is om de tijd voor te nemen. Er wordt zo veel aandacht in gestopt dat het eten een centraal onderdeel van het dagelijks leven is geworden.
Per regio een ander gerecht
Het mooie hiervan is dat iedere regio zijn eigen specialiteiten heeft, evenals tradities en smaken. In Valencia eet je bijvoorbeeld de echte paella valenciana. Dat is geen paella zoals je die gewend bent met zeevruchten, maar met kip, konijn en lokale groenten. Combineer dat met een glaasje horchata (een zoet drankje van aardamandel) en je snapt maar wat goed waarom mensen hier uren aan tafel blijven zitten. Reis je naar Andalusië? Dan verschuift het eten meer naar tapas: kleine gerechten die je met anderen deelt. Kies voor gazpacho op warme dagen of dun gesneden jamon iberico die bijna smelt op je tong.
Wie meer naar het noorden gaat, richting het Baskenland, vindt juist meer pinxtos. Ook dat zijn kleine hapjes, maar dan op brood. Geen enkele combinatie is hier te gek en alles is van hoge kwaliteit: van vis tot kaas en van groente tot vlees. Eten wordt hier bijna een soort kunstvorm. In Catalonië eet men ook van alles, zoals pa amb tomaquet, oftewel geroosterd brood met tomaat en olijfolie. Of als je geluk hebt in het seizoen: calçots. Dat zijn heerlijke gegrilde lente-uitjes die gedoopt zijn in romesco-saus en die je met je handen eet. Kortom: lekker eten kunnen ze hier wel.
Wijn, vermouth, sangria
Bij goed eten hoort natuurlijk lekker drinken. Spanje kent een indrukwekkende wijncultuur met de bekende regio’s Ribera del Duero en Rioja. Voor bubbels vind je cava, wat vooral populair is in Catalonië. Wat misschien wel het meest typische Spaanse moment is, is het zogeheten Vermouth-uur: la hora del vermut. Dat is een moment vlak voor de lunch waarop je een glas vermouth met een paar olijven of een klein hapje erbij bestelt. Gewoon even zitten en écht genieten. Natuurlijk is sangria ook altijd een goed idee: zeker op warme dagen en in goed gezelschap.
Waarom Spanje altijd een goed idee is
Het eten, het drinken en het rustige tempo zijn goede redenen om eens naar Spanje op vakantie te gaan. Wat uiteraard ook erg fijn is, is dat het weer hier vaak goed mee werkt. Van het voorjaar tot diep in de herfst is het in veel delen van Spanje aangenaam warm en kun je vrijwel de hele dag buiten zijn. Aan de oostkust, zoals de Costa Blanca, en in het zuiden rond de Costa del Sol kun je rekenen op vijf tot zes maanden echt zomers weer. En dan heb je natuurlijk nog de Canarische Eilanden, waar het klimaat bijna het hele jaar rond 22 graden is. Zelfs in de winter voelt het op de eilanden als lente. Het maakt dus niet uit wanneer je naar Spanje gaat: de kans dat het er lekkerder weer is dan in Nederland is erg groot.
De mooiste regio’s voor levensgenieters
Nu vraag je je misschien af waar in Spanje je moet zijn om wat te proeven van de sfeer voor levensgenieters. Simpel: elke regio heeft zijn charme, dus je maakt vrijwel altijd een goede keuze. Valencia en de Costa del Azahar vormen een perfecte mix van strand, stad én lekker eten. Dat terwijl het in Andalusië meer draait om sfeer en historie. Steden als Sevilla en Granada zijn schilderachtig met pleinen vol leven en idyllische straatjes. Ook de eilanden, zoals Mallorca, Ibiza en Tenerife, hebben hun eigen ritme. En wat dacht je van Catalonië met de Costa Brava waar je charmante dorpen en ruige kustlijnen vindt? Voor pakketreizen naar deze regio’s bekijk je heel simpel het Spanje vakantie aanbod. Er is voor iedere bestemming wel een mooie deal te vinden.
Praktische tips voor de levensgenieter
Tot slot nog enkele tips voor de levensgenieter: timing is in ieder geval alles. De beste periodes om Spanje te bezoeken zijn doorgaans van april tot juni en van september tot oktober. Het is dan lekker warm, maar niet zo heet zoals in juli en augustus. Ook is het er dan een stuk rustiger dan in het hoogseizoen. Wil je de zekerheid dat je bij bepaalde restaurants aan kunt schuiven?
Bij sommige restaurants is reserveren verplicht, bijvoorbeeld bij populaire restaurants in steden zoals La Pepica in Valencia. Onthoud dat fooi geven niet verplicht is, maar wel gebruikelijk: een paar euro of het afronden van de rekening wordt altijd gewaardeerd. Misschien wel de belangrijkste tip voor je vakantie in Spanje: pas je tempo aan. Grote kans dat je hier leert om te vertragen (en hoe fijn dat is!).
